Week 37 De Broekgraaf

Langs de N322 in de buurt van Beneden Leeuwen ligt dit interessante natuurgebied. Van een afstandje lijkt het misschien wat eentonig, maar niets is minder waar. Het gebied bestaat uit vele soorten planten die langs de paden ongeveer tot je middel komen. Een aantal veel voorkomende planten zijn de grote lisdodde met zijn sigaren, allerlei soorten grassen en distels en grote kattenstaart. Doordat het allemaal flink op elkaar staat, kunnen dieren zich hier heel goed tussen verstoppen. Je hebt dan ook geluk als je niet minstens een keer schrikt van een opeens opvliegende vogel. Vooral de fazanten zijn hier een ster in, maar de groepjes patrijzen en watersnippen kunnen het net zo goed. De watersnip staat hier overigens echt bekend om. Als je in de buurt komt vertrouwen ze lang op hun zeer goede schutkleur, maar als je echt te dichtbij komt vliegen ze luid roepend op. Dit zal waarschijnlijk al heel wat mensen de stuipen op het lijf hebben gejaagd.

Tussen de begroeiing leven ook kleinere dieren. Misschien ken je de wespspin nog van twee natuurgebieden terug. Deze leeft hier in nog grotere getallen. Op dit moment kan je vooral in de begroeiing langs het pad naast de N322 heel veel eicocons vinden van deze spinnensoort. Deze bolletjes, die soms haast het formaat van een golfbal hebben, zijn door de spin zelf gesponnen. Binnenin zitten honderden eitjes, waar na een maand de jonge spinnetjes uit komen. Heel de winter blijven ze nog in de cocon om te overwinteren en zodra het lente wordt beginnen ze hun eigen leven buiten de cocon.

Er staat ook wat begroeiing op en dicht naast het pad. Dat is voornamelijk lidrus, een plant uit de familie van de paardenstaarten. Het is best een aparte soort, aangezien hij vooral bestaat uit takjes en af en toe een sporenaar. Als je deze plant in groepen ziet staan, is het helemaal bijzonder, want ze creëren met z’n alle een heel zacht en wazig effect. Je krijgt daardoor het idee dat de plant zal aanvoelen als een veertje, wat natuurlijk niet zo is.

Op de lidrus kan je regelmatig insecten aantreffen. Bekijk de plant maar eens van dichtbij. Tussen juni en oktober zal je dan vast een prachtig gekleurde groene rietcicade zien. Je kan hun geslacht goed onderscheiden doordat de vleugels van de vrouwtjes groenig gekleurd zijn en de mannetjes meer blauw/paars. De mannetjes zijn ook net wat kleiner dan de vrouwtjes. Zie je een koppeltje zitten, dan is het leuk om even te blijven kijken. Het mannetje zal namelijk zijn uiterste best doen om de aandacht van het vrouwtje te krijgen. Dit doet hij door snelle bewegingen met zijn vleugels te maken en met zijn achterlijf tegen de ondergrond te slaan.

Als je goed zoekt kan je nog een insectensoort tegenkomen op de lidrus. De larve van bladwespen. Misschien denk je eerst wel een rups te hebben gespot, maar kijk eens goed naar het aantal poten. Een rups heeft 3 paar echte poten, dit zijn de puntige poten bij zijn kop en maximaal 4 paar schijnpoten, de poten onder het midden van zijn lijf. Ook hebben rupsen een naschuiver, wat een op poten lijkend aanhangsel is waarmee hij zich kan vasthouden. De larven van een bladwesp hebben net als normale rupsen 3 paar echte poten, maar ze hebben maar liefst 7 paar schijnpoten en geen naschuiver. Het beste kan je letten op die schijnpoten, dat is het duidelijkste en grootste verschil. 

Je snapt het misschien al, deze plant is een fijne plek voor insecten. En dat niet alleen, er worden ook eitjes op gelegd. Ik kwam bijvoorbeeld de eitjes van de huismoeder, een nachtvlinder, tegen. Van een afstandje is het een wit laagje over een stukje van de lidrus. Maar als je goed kijkt kan je zien dat het bestaat uit vele eitjes. Het bijzondere aan deze eitjes is dat als je ze met een vergrootglas bekijkt, ze erg mooi zijn. Ze lijken een beetje op kleine parels of hele mooie schelpjes. Dus vergeet dat vergrootglas niet als je hier gaat wandelen!

Even terug naar de grotere dieren, want die zijn hier meer dan je denkt. In de ochtend of aan het eind van de dag kan je reeën vanuit de naast gelegen eendenkooi zien komen, om in het veld aan de andere kant van de Broekgraaf wat vers gras te eten. Langs de N322 zijn weer spitsmuizen te vinden die op en neer van de kruidenrijke rand naast de weg, naar de schuilplaatsen in het hoge gras langs de sloot rennen. En op de wandelpaden zelf huppen regelmatig hazen rond. 

 

Goed om te weten:

  • Er loopt een kudde schapen rond in dit gebied. Laat dus geen afval of eten rond slingeren.
  • Honden zijn niet welkom.
  • Dit gebied heeft geen officiële naam, maar aangezien de Broekgraaf door het gebied stroomt heb ik het zo genoemd.
  • Met een auto parkeren kan langs de N322, hier hebben ze een speciale parkeerplek gemaakt op de vluchtstrook en er is een hek zodat je het gebied in kan. Of het veilig is om er te staan weet ik niet, maar het mag wel. 
  • Er gaat duidelijk een wandelroute door dit gebied, hij is alleen erg moeilijk te vinden op internet. Wel heb ik dit kaartje gevonden, waarop een route staat, maar voor de rest weinig informatie: https://www.rivierenland.nl/wp-content/uploads/2020/04/f32_eethuisje-de-veerstoep.pdf Heb je hier niks aan? Dan kan je gewoon het beste een keertje in het gebied gaan kijken, want het is zeker de moeite waard.

 

De herfstkleuren beginnen al goed te komen in dit natuurgebied.

Een haas op het pad.

Grote lisdodden met het licht van de zonsondergang.

Grote kattenstaart.

Een duikerwants.

Een ree vlucht uit het niets weg. Hij keek helaas niet meer om.

Een stukje van het wandelpad.

Een weg vliegende jonge fazant.

Tijdens het wandelen stak recht voor mn neus een donker gekleurde spitsmuis over. Hij was alleen zo snel dat ik geen goede foto van hem kon maken. Daarom maar een foto van een gangetjes die door deze muizen regelmatig gebruikt wordt om snel in te verdwijnen.

Een wespspin bij haar eicocon. Deze cocon was eerder de grote van een pingpongballetje, dan een golfbal.

Het wandelpad.

De larve van een Dolerus aericeps (een bladwesp).

Langpootmuggen kan je hier erg veel vinden.

Ook een larve van een Dolerus aericeps. Hier kan je goed zien dat hij meer dan 4 schijnpoten heeft en daarom geen echte rups is.

Dit is wel een rups, ook al kan je dat niet heel goed zien. Dit is de rups van de kleine beer, een mooie nachtvlinder.

Een sporenaar van de lidrus.

Een mannetje van de groen rietcicade doet zijn best om de aandacht van het vrouwtje te trekken.

De prachtige eitjes van de huismoeder, een nachtvlinder.

In de watertjes leven ook kreeften, zoals deze flink grote Amerikaanse rivierkreeft.

In dit gebied leven erg veel vlindersoorten. Dit is een kleine vuurvlinder.

Het natuurgebied. Let op dit is een inschatting, ook mag je niet overal in het gebied komen. Bij de rode streepjes is een ingang, waar je meestal ook wel je fiets kan neerzetten. Houdt er wel rekening mee dat er soms tractors door de grotere hekken moeten. Bij de P mag je parkeren met de auto, maar zoals ik al schreef weet ik niet of dat heel veilig is.


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.